Hey, mannen! (Hey, Johnny!)
Zing een liedje!
Voor ons alleen
Oké gabbers, maar dan doen we 't wel met z'n drieën
Ik ben reeds jarenlang de koster
Ik doe m'n werk met veel plezier
Ik bemoei me nooit met andermans z'n zaken
Ben altijd thuis, ga nooit aan de zwier (zing het, Stan)
Hij leeft zeer kuis en zeer solide (kom op, Peter)
Zijn gezicht staat altijd in de plooi
Want ik moet toch aan m'n zaakie denken
En aan m'n dagelijkse fooi (inhaken!)
Is dan m'n werk gedaan (allemaal!)
Dan kan ik de straat opgaan (van links, naar rechts)
Dan zie je op de baan
Geen koster meer voor je staan (hachee!)
Dan zie je de vrolijke snuiter
Als koster, zo jong en fijn
Want om altijd als koster te leven
Moet je stapel mesjokke voor zijn (hachee!)
Lang leve het bier en de klare
Het heerlijke nat van Schiedam
De vrouwen, de wijn en de sigaren
In ons heerlijk mooi Amsterdam
Ben ik in Chili of in Epe
In elke café op het Rembrandtsplein
Waar nou ook bepaald geen koster
Of zoiets van die aard kan zijn
Hij danst daar zijn foxtrotje
En hij slaapt daar nooit alleen
Want een koster is geen zotje
Hij is een mens van vlees en been (inhaken!)
Is dan m'n werk gedaan (allemaal!)
Dan kan ik de straat opgaan (van links, naar rechts)
Dan zie je op de baan
Geen koster meer voor je staan (hachee!)
Dan zie je de vrolijke snuiter
Als koster, zo jong en fijn
Want om altijd als koster te leven
Daar moet je stapel mesjokke voor zijn (hachee!)
Lang leve het bier en de klare
Het heerlijke nat van Schiedam
De vrouwen, de wijn en de sigaren
In ons heerlijk mooi Amsterdam
(Springen!)
(Hachee!)
(Hatsiekiedee!)
|